Home » Artikelen » Waarom is het in de herfst vaker mistig?

Waarom is het in de herfst vaker mistig?

Juist bij rustig herfstweer is de kans op mist groot. Foto Monika Kubala via Unsplash


Het is volop herfst en de eerste mistige dagen zijn alweer achter de rug. Niet gek, mist komt in de herfst vaker voor dan in elk ander seizoen. Maar hoe komt dat?

Eerst nog even naar de getallen. Mist kan het hele jaar voorkomen, maar in de herfst is de kans dat je wakker wordt in een mistige wereld het grootst. Volgens Weeronline telt de herfst gemiddeld zo’n 32 dagen mist. Met (nog altijd gemiddeld) dertien dagen mist in september, tien in oktober en negen in november.

Hoewel je bij mist al snel denkt aan grijs en grauw weer, gaat mist in de herfst juist vaak samen met zacht en warm weer. Mist ontstaat juist in periodes met rustig en stil weer, met weinig wind en heldere nachten.

Zulke periodes komen gedurende het hele jaar voor, maar in de herfst spelen er een aantal factoren waardoor mist, specifiek stralingsmist, makkelijker ontstaat dan in andere jaargetijden. De eerste is de lengte van de nacht. Doordat de nachten langer worden, kan de atmosfeer meer afkoelen. Daardoor kan de lucht minder waterdamp bevatten en wordt het dauwpunt dus eerder bereikt.

Tegelijk is de luchtvochtigheid in de herfst vaak juist hoog. Het zeewater en het water in meren en rivieren is vaak nog relatief warm en verdampt dus veel. Veel meer dan de afkoelende lucht ’s nachts aankan. Het dauwpunt wordt dus al snel bereikt en dus ontstaat er mist.
De combinatie van hoge luchtvochtigheid dankzij warm water en nachten die lang en koud genoeg zijn om het dauwpunt snel te bereiken, komt vooral voor in de het najaar. Omdat de laagstaande zon minder kracht heeft, kan het ook nog eens lang duren voordat de mist is opgelost, waardoor je in de herfst vaker wakker wordt in een grijze wereld.

Nevel of mist?

Overigens wordt er niet meteen van mist gesproken. Pas als het (horizontale) zicht minder is dan duizend meter wordt er gesproken van mist. Als het zicht tussen de 1000 en 5000 meter is, wordt er van nevel gesproken.

Kans op mist neemt af

Heb je het idee dat het vroeger vaker mistig was dan nu? Dat klopt. De afgelopen decennia is het aantal dagen mist in grote delen van Europa enorm gedaald, in veel gebieden is het aantal mistdagen zelfs gehalveerd. Dat heeft veel te maken met de afname van luchtvervuiling, in het bijzonder de afname van aerosolen. Die aerosolen zijn belangrijk voor de vorming van mist omdat het vocht in de atmosfeer zich daarop kan afzetten en condenseren. Door de afname van de hoeveelheid aerosolen in de atmosfeer, kan de waterdamp zich minder goed hechten en mist vormen.