Home » Artikelen » De zwarte zomer van 1783

De zwarte zomer van 1783

Het jaar 1783 staat te boek als een annus mirabilis, een jaar vol wonderlijke, dramatische natuurgebeurtenissen. Verreweg het meest angstaanjagend was dat jaar de ongelooflijke zomer met zijn ziekmakende en stinkende nevels, en bloedrode en verduisterde zon. De oorzaak: een enorme vulkaanuitbarsting op IJsland.

Rode zonTEKST EN BEELD PETER PAUL HATTINGA VERSCHURE

Klimaatverandering is van alle tijden. Ja, voortdurende variaties in de klimaten zijn zelfs volkomen natuurlijk. Maar die verlopen doorgaans zo geleidelijk dat de mens zich daar niet zo van bewust is. Dat wordt anders als een abrupte verandering in de lucht zit. We gaan terug naar het Annus Mirabilis 1783.“Den 20sten heeft het nog geregend en den 21 ook een weinig vogts gevallen. Dog toen is het weder zonderling veranderd; er is een mist opgekomen, welke dan hooger in de lugt, dan laager geweest is, dan sterker, dan minder, dan zonder reuk, dan een weinig stinkende, welke tot het einde der maand aangehouden heeft’. Zo schreef Jan Carel van der Muelen in zijn ‘Dagelijksche aantekeningen’ in het jaar 1783.

Jan Carel, in die jaren lid van de vroedschap van Utrecht, verbleef ’s zomers op zijn landgoed Dennenburg bij Driebergen. Hij verrichte er jarenlang weerkundige observaties, die hij nauwgezet noteerde. Hij vervolgt zijn verslag: ‘Men zoude veeltijds gezegd hebben in de herfst te zijn, en dan duurde de mist nog zo lange niet. De winden die tevooren veranderlijk geweest zijn, zijn toen meer uit ’t N: gekomen, dog meestentijds is ’t weder stil en warm geweest’. Jan Carel van der Muelen had geen idee wat de herkomst was van die ‘mist’. Hij was zeker niet de enige. Ook elders in het land zag men rond de langste dag de hemel vertroebelen met een raadselachtige rokerige nevel, en werd men een zwavelachtige of schroeierige stank gewaar.

In de noordelijke provincies raakte op de dag van Sint Jan, 24 juni, alles bedekt met een kleverige aanslag. Bladeren verdorden, voorwerpen van metaal begonnen uit te slaan, en in de schone was die buiten hing, verschenen roestachtige vlekken. Wat was dit?

FimmvorduhalsZware aardbevingen

De annus mirabilis van 1783 begon al in februari. In Calabrië deed zich een serie zware aardbevingen voor. Delen van de Italiaanse kust werden daarbij getroffen door tsunami’s. Over het aantal slachtoffers liepen de schattingen uiteen, maar het staat vast dat het er tienduizenden zijn geweest. In heel Europa werd uitgebreid over de ramp bericht, en de gebeurtenissen in Italië boezemden het publiek angst en ontzag in. Maar de natuur had nog meer in petto. In mei rees plotseling een nieuw vulkanisch eiland uit de zee op nabij het IJslandse schiereiland Reykjanes. De toenmalige kranten berichtten er uitvoerig over. En in Bourgondië vond op 6 juli een aardbeving plaats. Die veroorzaakte weliswaar niet veel schade, maar zoiets is in die streek bepaald ongewoon, en bovendien zat de schrik er bij de mensen al goed in na de catastrofe in Calabrië. Oók in 1783 verscheen er een ‘vuerig bol, gelyk aan de schyve der volle Maen’ boven Engeland en Frankrijk, trad een volledige maansverduistering op, en brak een verschrikkelijke pestepidemie uit in Klein-Azië.

Maar verreweg het meest angstaanjagend was dat jaar de ongelooflijke  zomer met zijn ziekmakende en stinkende nevels, bloedrode en verduisterde zon, verschroeiende hitte en droogte en de zware onweersbuien en dan nog de barre winter die erop volgde. Heel Europa ging die zomer wekenlang gebukt onder wat in de klimatologische kronieken als ‘de grote droge nevel’ is geboekstaafd. Het blauw van de hemel verdweenen ‘le soleil étoit tout le jour outrès rouge ou pâle; la lune aussi étoittrès rouge’, aldus het Journal d’Abot. Of, zoals een Engelse getuige schreef: ‘The sun, at noon, looked as black as a Clouded moon, and shed a rust-coloured ferruginous light upon the ground’. Het fenomeen werd tot in Syrië en Kazachstanwaargenomen. Die ‘nevel’, die zoals we nu weten bestond uitfijne asdeeltjes en druppeltjes zwavelzuur, was afkomstig van IJsland.

Hel

Op 8 juni brak de hel los op IJsland. Aan de westkant van het vulkanische complex Vatnajökull scheurde de aarde over een lengte van tientallen kilometers open waardoor een fissure ontstond door het vulkaancomplex Lakagígar tot aan de Grímsvötn .De zo ontstane spleetvulkaan, Laki genaamd, veroorzaakte een immense lavastroom die acht maanden zou aanhouden en die het landschap onherkenbaar veranderde. Er stroomde daarbij naar schatting 15 kubieke kilometer lava uit. Maar veel rampzaliger was de uitstoot van as en giftige gassen. Vooral bij het begin van de uitbarsting kwamen reusachtige hoeveelheden zwaveldioxide en fluorhoudende gassen vrij. De regen die in IJsland de volgende dagen viel, bevatte zóveel zwavelzuur dat de druppels gaten brandden in de huid van mens en dier. Dat had daar tot direct gevolg dat driekwart van alle vee omkwam. Een kwart van de IJslandse bevolking stierf door hongersnooden ziekten.

Het vulkanische stof verspreidde zich in de eerste weken over Noord-Amerika en Europa. Toen op 23 juni een hogedrukgebied precies boven Nederland kwam te liggen, konden met de neerwaartse luchtbeweging stofdeeltjes en zwavelzuurdruppeltjes massaal neerslaan. Uiteindelijk zou op grote delen van het noordelijkhalfrond de atmosfeer worden vertroebeld.

lavastroomZeer hete dagen

Terug naar het aantekeningen boek van Jan Carel van der Muelen. Op 31 juli schrijft hij: ‘Deze maand van julij is buitengewoon droog en heet geweest. Al de regen nu en dan met donderbuijen is zeer weinig geweest en heeft tot niet veel meer gediend, dan om weinige reizen de bladeren te verfrisschen. Nog iets zeer buitengewoons heeft plaatsgehad: naamelijk de lugt is gedurig met een nevel vervuld geweest, die dan zwaarder dan minder geweest is, en van Junij af tot den 22stenJulij geduurd heeft. Uit de nieuwstijdingen zoude men opmaken dat die nevel bijna door geheel Europa geweest is en misschien door dezelve oorzaak van de aardbevingen, die ’t Zuiden van Italien en een gedeelte van Sicilien zo deerlijk verwoest hebben, ontstaan is. Er zijn zeer hete dagen geweest, van welke misschien de 28ste de ergste geweest is’.

Jan Carel noteerde in juli op 16 dagen een temperatuur van 30 graden of meer, met als hoogste 34½ graad op die 28ste. De zomer was in heel Noordwest-Europa uitzonderlijk warm en droog. Onder de met ‘drooge nevel’ beslagen hemel verschroeiden gras, bladeren en gewassen. Er stierven veel meer mensen aan de ‘rodeloop’ (dysenterie) dan in andere jaren, tot wel tienmaal zoveel. Ook augustus verliep warm, maar er vielen wel talrijke zware buienwaardoor de maand bijzonder nat was. De atmosfeer werd toen door al dat regenwater weer wat schoongewassen. Het is verleidelijk om een verband teleggen tussen de uitzonderlijke droge hitte en de verspreiding van de vulkanische aswolk. Maar wij weten nu dat dat niet zonder meer als vanzelfsprekend mag worden aangenomen. In contemporaine berichten werd wel een samenhang verondersteld ,zoals we ook konden lezen in bovenstaand fragment van Jan Carelvan der Muelen.

Vulkaan met rode luchtFranse Revolutie

Zo tastte men die zomer nog volledig in het duister over de feitelijke herkomst van de onheilspellende nevel en de ‘scherpe vogten’ die daarbij neersloegen. Er deden allerlei speculaties de ronde. Men zag in de gebeurtenissen in 1783 slechte voor- tekenen en vreesde een plotselinge klimaatverandering. Sommigen dachten dat het einde der tijden was aangebroken. Op veel plaatsen kon men openbare gebeden horen.

De eerste berichten over de ramp op IJsland bereikten pas begin september Europa. Het natuurverschijnsel had grote gevolgen voor de economie. Niet alleen in Europa, maar ook in het Midden-Oosten en Noord-Amerika vielen oogsten tegen, en was er grote sterfte onder het vee. Het slechte zicht had tot gevolg dat de zeescheepvaart, en daarmee de internationale handel, ernstig werd belemmerd. De Aziatische moesson bleef uit, en in Egypte kwam het tot acute hongersnood. In Europa, waar de economie al onder een crisis gebukt ging, namen honger, armoede en ziekten explosief toe. Dat leidde tot tienduizenden slachtoffers. Deze maatschappelijke malaise wordt algemeen gezien als een belangrijke aanleiding tot de Franse Revolutie, zes jaar later.

AswolkStilgelegd vliegverkeer

IJsland is tot op de dag van vandaag een vulkanisch zeer actief gebied. Dat uitbarstingen daar directe gevolgenkunnen hebben voor Europa, zoals dat in 1783 zo dramatisch het geval was, hebben wij in onze tijd dunnetjes kunnen meemaken in 2010. Toen vond een wekenlange eruptie plaats van de Eyafjalla waarbij grote hoeveelheden fijne asdeeltjes in de atmosfeer werden geblazen. Dat leidde ertoe dat het luchtverkeer in een groot gebied moest worden stilgelegd.

De wolk van asdeeltjes kwam met een noordwestelijke bovenstroming binnen enkele dagen ook boven Nederland aan. Het hemelblauw werd opeens grijs, en de zon hulde zich in een lichtwaas. Na enkele dagen werd het vliegverkeer weer hervat. Maar de allerkleinste asdeeltjes bleven nog lang in de dampkring zweven. Dat was te zien aan de ongewoon rode zonsop- en ondergangen, en aan de gekleurde gloed om de zon, die bekend staat als de ring van Bishop. Deze optische verschijnselen zijn kenmerkend voor de perioden na elke grote vulkaanuitbarsting en kunnen dan over grote delen van de aardbol zichtbaar worden. De mooiste hemelverschijnselen hangen meestal samen met de gevaarlijkste natuurrampen. En die zijn van alle tijden.

Met dank aan Jan Buisman voor aanvullende adviezen, en Henk van Oel van het KNMI voor de inzage in de waarnemingsreeks van Jan Carel van der Muelen in het KNMI-archief.

Afbeelding:

  • MISTIC FALCON - HAWK - FALCO TINNUNCULOS:  © Miroslav Vajdić for openphoto.net 
  • Overview of the 2nd fissure on, close to Eyjafjallajökull, as the lava flows down towards the north, turning snow into steam: Boaworm [CC BY 3.0], via Wikimedia Commons
  • Lava flow during a rift eruption at Krafla volcano, northern Iceland, in 1984: Michael Ryan, U.S. Geological Survey. [Public domain], via Wikimedia Commons
  • Pu'u 'O'o, a Volcanic cone on Kilauea, Hawaii. View at dusk of the young Pu'u 'O'o cinder-and-spatter cone, with fountain approximately 40 m high, during episode 5: G.E. Ulrich [Public domain], via Wikimedia Commons
  • Pexels, via Pixabay

Deze column verscheen eerder in Het Weer Magazine nr 3/4 | jul/sep 2017

Geen weerfeiten en weetjes missen? Word dan abonnee en ontvang Het Weer Magazine thuis!